
Programma 4 Onderwijs
Programma inleiding
Terug naar navigatie - Programma 4 Onderwijs - Programma inleidingHet maatschappelijke effect dat we nastreven is dat inwoners gelijke kansen hebben. Het is belangrijk dat alle kinderen, ongeacht hun achtergrond, de mogelijkheid hebben om zich optimaal te ontwikkelen. Op deze manier kunnen zij zich ontwikkelen tot vitale volwassenen die actief deelnemen in de samenleving.
Dit programma richt zich daarom op vergroten van de ontwikkelkansen van alle kinderen. Onderwijs speelt hierin een centrale rol: het biedt kinderen een omgeving waarin zij hun talenten kunnen ontwikkelen en kunnen werken aan een kansrijke toekomst. Daarom zetten we in op het verminderen van drempels die hun ontwikkeling belemmeren. Het waarborgen van een toegankelijk en passend onderwijsaanbod is daarbij essentieel. In het licht van de groei van Dronten neemt het belang hiervan toe, om een steeds grotere en meer diverse groep kinderen vraagt om kwalitatief goed onderwijs. Op deze manier dragen we bij aan gelijke ontwikkelkansen voor kinderen, en bouwen we aan een hechte gemeenschap waarin inwoners zich verbonden voelen.
Pakket 4P Opgroeien en Opvoeden
Inhoud
Terug naar navigatie - Pakket 4P Opgroeien en Opvoeden - InhoudWe streven er vanuit dit pakket naar dat inwoners, met name kinderen en jongeren, gelijke kansen hebben. We willen bereiken dat alle kinderen de kans krijgen zich te ontwikkelen tot vitale volwassenen die zoveel mogelijk bijdragen en deelnemen aan onze samenleving. Dit doen we samen met onderwijs en voorschoolse voorzieningen, maatschappelijke partners en jeugdhulpaanbieders. We bieden (laagdrempelige) voorzieningen die kinderen ondersteunen in het veilig opgroeien en ouders tijdelijk helpen bij de opvoeding.
Beleidsuitgangspunten
Terug naar navigatie - Pakket 4P Opgroeien en Opvoeden - BeleidsuitgangspuntenWij streven naar een gemeenschap waarin iedereen naar eigen kunnen mee kan doen en zich gesteund voelt. Daarom investeren we om inwoners in kwetsbare situaties gelijke kansen te bieden. Dit doen we gedurende hun hele leven en op cruciale momenten. We zorgen ervoor dat kinderen en jongeren in een veilige en goede omgeving opgroeien, hun schooltijd plezierig doorlopen en toegang hebben tot sport en cultuur. Voor jeugdigen die dit niet vanzelfsprekend hebben, bieden we extra ondersteuning.
Daarnaast creëren we een sterke pedagogische basis door ouders en opvoeders te ondersteunen met kennis en begeleiding. We investeren in voorschoolse educatie, verzorgen het leerlingenvervoer en werken nauw samen met kinderopvang en onderwijs om een sterke pedagogische basis te realiseren.
Gemeente Dronten heeft op grond van de Wet op het primair onderwijs een verplichting tot het aanbieden van voldoende voorzieningen met voorschoolse educatie (in aantal en spreiding) voor kinderen met een risico op een onderwijsachterstand.
Het is de bedoeling dat alle kinderen in de gemeente Dronten op hun zesde levensjaar een startniveau (qua taal) hebben bereikt dat aansluit bij het aanvangsniveau van groep 3 van de basisschool en/of met een beperkte ondersteuning mee kunnen in groep 3.
Wat betreft onderwijshuisvesting: in 2023 is het Integraal HuisvestingsPlan onderwijs (2023-2047) vastgesteld. Hierin zijn voor de komende 15 jaar de noodzakelijke vervangings- en/of renovatie investeringen opgenomen om de gewenste maatschappelijke effecten te kunnen faciliteren.
Ten aanzien van onderwijshuisvesting (scholen en gymlokalen) betreft het naast de maatschappelijke effecten ook vooral een wettelijke verantwoordelijkheid om goede schoolgebouwen blijvend te faciliteren.
Wat wilden we bereiken?
Terug naar navigatie - Pakket 4P Opgroeien en Opvoeden - Wat wilden we bereiken?We willen dat kinderen in groep 3 taalvaardig zijn
1) In 2026 is het bereik van het aantal kinderen met een VVE indicatie gestegen ten opzichte van 202526.
2) In 2026 is het aantal VVE doelgroepkinderen dat mee kan komen in groep 3 zonder extra ondersteuning gestegen ten opzichte van 202526.
Hoe hebben we dit gemeten?
|
|
2024 |
2025 |
|
1. % Bereik van kinderen met een VVE-indicatie |
75% |
75% |
|
2. % VVE-doelgroep kinderen die mee kunnen komen in groep 3 zonder of met beperkte ondersteuning |
Nb |
92% |
Toelichting
De gemeente voert jaarlijks een monitor VVE uit om de afspraken te volgen die voortkomen uit de gezamenlijke procesbeschrijving ‘Zo doen we dat in Dronten’, die in 2023 is opgesteld en geïmplementeerd. Deze beschrijving bevat de werkwijze, resultaatafspraken over het bereik en de opbrengsten VVE eind groep 2 en een duidelijke taak- en rolverdeling.
De metingen in 2023 en 2024 lieten nog grote onzuiverheden zien ten aanzien van de data. Hierin is 2025 een verbetering teweeg gebracht door onder andere de vragenlijsten van de monitor VVE breed te herzien en waar nodig bij te stellen. Op basis van extern onderzoek naar de inzet van de Peutermonitor is geconcludeerd dat de Peutermonitor niet geschikt is voor een correcte en volledige beoordeling van het bereik van doelgroeppeuters met VE. Er is besloten om te stoppen met de Peutermonitor per Q2 2026. Met een periodieke uitvraag bij Icare in combinatie met cijfers van de kinderopvang, is het goed mogelijk om een vergelijkbaar (en beter) inzicht in het bereik te krijgen.
Het bereikcijfer van kinderen met een VVE advies – ofwel advies Extra spelen en leren – is gelijk gebleven op 75%. Dit percentage is plausibel. De implementatie van de werkwijze rond VVE vraagt de nodige tijd. Door de VVE aanpak voort te zetten en te blijven bijsturen waar nodig, streven we ernaar een stijging van het bereikcijfer in 2028 te kunnen realiseren. Landelijk is overigens een daling van de VVE-deelname te zien.
Het aantal VVE-doelgroep kinderen dat mee kan komen in groep 3 zonder of met beperkte ondersteuning is 92%. Uit de monitor blijkt verder dat 69% van de kinderen met een VVE-advies niet aan het volledige VVE-traject van 3 jaar hebben deelgenomen. Hier is nog verbetering mogelijk. In 2026 hebben we hier extra aandacht voor in de monitor VVE breed om te zorgen dat we de data zuiverder kunnen krijgen.
Wat hebben we bereikt?
In 2025 hebben we ingezet op een aanpak die bijdraagt aan een goede taalontwikkeling vóór de start in groep 3. Door de VVE-werkwijze te versterken, de monitoring te verbeteren en het bereik van doelgroepkinderen beter in beeld te brengen, wordt duidelijker hoe het signaleren van kinderen met een risico op onderwijsachterstanden en het voorkomen of verminderen van deze achterstanden kan worden gerealiseerd. Hiermee dragen we eraan bij dat meer kinderen met gelijkere kansen starten en een stevige basis hebben voor hun verdere schoolloopbaan.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
Doorontwikkelen VVE-aanpak
Uit de monitor 2025 blijkt dat het werken met een heldere procesbeschrijving voor meer duidelijkheid zorgt in de samenwerking met onze partners. Partners geven aan dat het belangrijk is om het VVE proces voortdurend te blijven verbeteren. In 2025 hebben we de procesbeschrijving verder doorontwikkeld. Ook het vergroten van de bekendheid van de VVE-aanpak onder ouders wordt als belangrijk punt gezien. Hiervoor zijn aanvullende afspraken met de Intermediairs Ouderbetrokkenheid gemaakt, die een belangrijke rol spelen in de toeleiding van kinderen met een VVE advies naar opvanglocaties en onderwijs.
Verkennen gezinsaanpak geletterdheid
Ouders die moeite hebben met basisvaardigheden geven dat vaak van generatie op generatie door. Een activiteit die hiervoor ingezet kan worden is de training herkennen en doorverwijzen aan te bieden aan (zorg)professionals. De trainingen in 2025 waren nog niet specifiek gericht op de gezinsaanpak. In 2026 wordt dit nader verkent. Ook zullen we dan als proefproject de verandertheorie in het kader van de gezinsaanpak oppakken op een scholeneiland. Hiervoor hebben in 2025 al de eerste verkennende gesprekken plaatsgevonden.
Toezicht handhaving en kinderopvang (Programma 7)
Door ziekteverzuim heeft de toezichthouder extra personeel moeten inhuren om de benodigde inspecties voor 2025 uit te kunnen voeren. Hierdoor is er sprake van een nacalculatie. De GGD heeft besloten dat de hogere verzuimkosten doorbelast worden aan de aangesloten gemeentes.
Meer kinderen met (risico op) taal- en onderwijsachterstanden (buiten de VVE leeftijd om) ontvangen tijdig passende ondersteuning
3) In 2026 is het aantal kinderen dat extra ondersteuning ontvangt voor een taal- en onderwijsachterstand toegenomen ten opzichte van 202526.
Hoe hebben we dit gemeten?
|
|
2024 |
2025 |
|
Aantal kinderen en jongeren met een taal- onderwijsachterstand die extra ondersteuning hebben ontvangen. |
Nb |
15%* |
*Dit is een geschat percentage op basis van landelijke normen
Wat hebben we bereikt?
In 2025 hebben we ingezet op passende ondersteuning voor kinderen die risico lopen op taal- en onderwijsachterstanden, buiten de VVE-leeftijd om. Door aanvullende ondersteuningsmogelijkheden aan te bieden, kunnen kinderen die extra hulp nodig hebben eerder worden bereikt en ondersteund. Hiermee dragen we eraan bij dat meer kinderen met vergelijkbare kansen aan hun schoolloopbaan beginnen en beter kunnen aansluiten in het onderwijs.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
Bieden van tijdige en passende ondersteuning
Van alle kinderen in 2025 uit Dronten valt 15 procent binnen bovenstaande doelgroep. Dit is een berekening op basis van landelijke normen. Er is naast een intensieve taalklas in Dronten Centrum in Q3 2025 gestart met een intensieve taalklas in Swifterbant, met gerichte en intensieve taalsteun aan kleuters op het scholeneiland. Er is gericht op de begeleiding van leerlingen in groep 8 van het basisonderwijs die voortijdig dreigen af te stromen of te stoppen na de overgang van het primair onderwijs naar het voortgezet onderwijs.
De verkenning van het ‘leesoffensief’ heeft er toe geleid dat we in 2025 een bijdrage hebben kunnen leveren aan ‘de Bibliotheek op School’, waardoor een aantal scholen extra ondersteuning ontvangen bij het geven van lees- en taalonderwijs aan de kwetsbare doelgroep.
Nationaal Programma Onderwijs (NPO)
Met gelden van het Nationaal Programma Onderwijs zijn in de periode 2023-2025 samen met scholen projecten opgezet om leerlingen te ondersteunen die na de corona-periode achterstanden hadden opgelopen op onderwijs- of sociaal-emotioneel gebied. Evaluaties van deze projecten laten zien dat leerlingen en scholen effecten zien van deze extra ondersteuning. Een definitieve evaluatie van het NPO-programma volgt na de verantwoordingen over de NPO-activiteiten die in 2025 zijn uitgevoerd.
Uitvoeren project Kansrijke Start
Vanuit de specifieke uitkering die verbonden is aan Kansrijke Start wordt het programma Nu Niet Zwanger ingezet en de lokale coalitie Kansrijke Start versterkt. De lokale coalitie functioneert naar behoren; met de (toeleiding) prenatale huisbezoeken bereiken we de beoogde doelgroep en weten partners elkaar goed te vinden in de samenwerking in het vroegtijdig signaleren en ondersteunen van (aanstaande) ouders in een kwetsbare situatie.
Doorontwikkelen van het Integraal Ondersteuningsteam (IOT) (Programma 7)
Sinds 2015 werkt de gemeente Dronten met een Integraal Ondersteuningsteam (IOT). Dit team is destijds opgericht naar aanleiding van de wetswijziging van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) en de Wet maatschappelijk verantwoord inkopen jeugdwet. Dit team valt onder het maatwerkdeel van JGZ. Er is behoefte aan een herziening van de inrichting en werkwijze van het IOT om zodoende beter te kunnen aansluiten bij de huidige ontwikkelingen. In maart 2025 heeft de Lokale Educatieve Agenda (LEA) bestuurlijk opdracht gegeven om de werkwijze van het IOT door te ontwikkelen. Deze opdracht wordt breed gedragen en in samenwerking met het netwerk uitgevoerd.
We willen goed passend onderwijs voor alle kinderen en daarmee minder thuiszitters
4) In 2026 ligt het absoluut verzuim per 1.000 leerlingen onder de 0,4%26.
Hoe hebben we dit gemeten?
|
Thuiszitters |
2023 |
2024 |
2025* |
|
Absoluut verzuim |
0,39% |
0,71% |
Nb |
|
Relatief verzuim |
2,3% |
2,8% |
Nb |
|
Geoorloofd verzuim (ziekte) |
Nb |
Nb |
Nulmeting |
|
Thuiszitters i.v.m. onvoldoende aanbod passend onderwijs of tijdelijke voorziening |
Nb |
Nb |
Nulmeting |
|
Voortijdige schoolverlaters |
2,4% |
3% |
Nb |
*De cijfers van 2025 worden na de zomer 2026 verwacht
Toelichting
Ten aanzien van het absoluut verzuim (kinderen die niet ingeschreven staan op een school en geen vrijstelling hebben) zien we een forse stijging. Ter verduidelijking: dit cijfer betekent, dat er per 1.000 leerlingen 7,1 op enig moment in het schooljaar niet ingeschreven stonden op een school. Dit kan voor kortere of langere tijd geweest zijn, en kan te maken hebben met niet sluitende registraties. Zodra een melding van absoluut verzuim bij de gemeente binnenkomt, onderzoekt de leerplichtambtenaar de situatie. Een aantal van deze leerlingen schrijft zich daarna alsnog weer in op een school.
Het cijfer relatief verzuim (het ‘spijbelen’) vertoont een lichte verhoging en is vergelijkbaar met het landelijk gemiddelde.
We gaan samen met de onderwijs- en zorgpartners onderzoeken welke maatregelen tegen de verschillen soorten verzuim te treffen zijn.
Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv’ers) zijn alle jongeren van 12 t/m 23 jaar die zonder startkwalificatie het onderwijs verlaten. Het vsv-percentage staat voor het aantal vsv’ers als percentage van het aantal onderwijsdeelnemers die aan het begin van het schooljaar ingeschreven staan. Hierin zijn ook de jongeren die op het AZC verblijven meegenomen. Mede gezien de doorstroom van die jongeren, door bijvoorbeeld verhuizingen of herplaatsingen, valt het percentage in Dronten hoger uit dan in andere gemeenten met vergelijkbare omvang.
Wat hebben we bereikt?
In 2025 hebben we bijgedragen aan gelijke kansen door te focussen op goed passend onderwijs, zodat kinderen ongeacht hun situatie kunnen deelnemen aan onderwijs en thuiszitten wordt voorkomen. De ontwikkelingen in absoluut en relatief verzuim en het aantal voortijdige schoolverlaters laten zien waar spanning ontstaat. Door deze trends nauwlettend te volgen en samen met onderwijs- en zorgpartners te verkennen welke maatregelen effectief zijn, dragen we eraan bij dat meer kinderen onderwijs kunnen blijven volgen en hun kans op een stabiele toekomst wordt vergroot.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
Aanpakken van verzuim en voortijdig schoolverlaten
De grootste zorgen met betrekking tot verzuim en thuiszitten betreft de groep leerlingen die vanwege ziekte of multi-problematiek niet naar school gaan. Samen met scholen en netwerkpartners wordt gewerkt aan passende interventies, zoals een structureel casusoverleg, werkafspraken over gecombineerde onderwijs-zorgtrajecten en digitaal (thuis)onderwijs. Afronding, planvorming, besluitvorming en implementatie wordt verwacht in 2026. In 2025 zijn we ook bezig geweest met het opstellen van het nieuwe Regionaal programma voortijdig schoolverlaten (VSV) 2026-2029.
We willen dat er voldoende (laagdrempelige) voorzieningen zijn en aandacht is voor het verminderen van laaggeletterdheid
5) In 2026 is maximaal 7% van de Drontenaren laaggeletterd26.
6) In 2026 worden de basisvaardigheden van alle (doelgroepen) laaggeletterde Drontenaren middels een passende aanpak versterkt26.
Hoe hebben we dit gemeten?
|
|
2023 |
2024 |
2025 |
|
5. Aantal laaggeletterden in % |
7% |
7% |
11% |
|
6. Aantal deelnemers informeel taalaanbod |
290 |
230 |
Nb |
Toelichting
Eind 2025 zijn op basisvaardighedeninzicht.nl de uitkomsten gepubliceerd van de verdiepende analyse op het PIAAC onderzoek van 2024, uitgevoerd door het CBS. Het PIAAC is een internationaal onderzoek naar vaardigheden van volwassenen en wordt elke 10 jaar gehouden. Het CBS heeft de data van het PIAAC gekoppeld aan data uit het bevolkingsregister, waardoor je op gemeenteniveau een schatting krijgt van het aantal inwoners met lage basisvaardigheden, waaronder laaggeletterdheid. Uit deze verdiepende analyse is gebleken dat in Dronten het percentage inwoners met lage basisvaardigheden 11% is, en niet 7%. Het hogere percentage kan te maken hebben met het gebruik van andere indicatoren. In het PIAAC onderzoek zijn nu ook rekenvaardigheden meegenomen, dat was in 2014 niet het geval. Daarnaast is de doelgroep uitgebreid naar 75 jaar.
Het percentage van 11% is lager dan het landelijke gemiddelde van 22% en het gemiddelde van de Arbeidsmarktregio Flevoland van 26%.
Wat hebben we bereikt?
In 2025 hebben we bijgedragen aan gelijke kansen door in te zetten op het verbeteren van basisvaardigheden en het vergroten van de toegankelijkheid van laagdrempelige voorzieningen. Door meer inwoners te bereiken met informele taalactiviteiten dragen we eraan bij dat mensen zichzelf beter kunnen redden en volwaardiger kunnen meedoen in de samenleving.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
Verbeteren basisvaardigheden
Op basis van de halfjaarcijfers hebben we in 2025 via het informele taalaanbod in Dronten al meer mensen kunnen bereiken dan in 2024. Dit betekent dat meer inwoners van Dronten aan het verbeteren van hun basisvaardigheden hebben gewerkt. Het hebben van basisvaardigheden is cruciaal voor zelfredzaamheid en voor een volwaardige deelname aan de maatschappij. De cijfers van het formele aanbod zijn nog niet bekend.
In 2025 zijn we ook bezig geweest met de subsidieaanvraag voor het Leven Lang Ontwikkelen-Collectief. Er is inmiddels bekend dat Flevoland de subsidie toegekend heeft gekregen.
Goed onderhouden schoolgebouwen bieden de mogelijkheid voor goed kwalitatief en passend onderwijs
7) In 2026 worden de primair en voortgezet onderwijs gebouwen conform het IHP vernieuwd26.
Wat hebben we bereikt?
In 2025 zorgden we voor goed onderhouden en toekomstbestendige schoolgebouwen, zodat kinderen onderwijs kunnen volgen in een veilige en passende leeromgeving. Door te investeren in onderwijshuisvesting en vooruit te kijken naar de huisvestingsopgaven voor de komende jaren, dragen we eraan bij dat scholen goed kunnen functioneren en dat alle kinderen toegang hebben tot kwalitatief onderwijs, ongeacht waar zij wonen.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
Integraal HuisvestingsPlan onderwijs
In 2023 is het Integraal HuisvestingsPlan onderwijs (2023-2047) vastgesteld. Ook het toetsingskader voor nieuwe investeringen in maatschappelijk vastgoed is vastgesteld. Nadat in 2024 is bepaald welke huisvestingsvraagstukken de komende vijf jaren kunnen worden gerealiseerd, is in 2025 een start gemaakt met het opstarten van een aantal van deze vraagstukken. Hieronder volgt per huisvestingsvraagstuk een update.
Huisvesting primair- en voortgezet onderwijs
Nieuwbouw Praktijkschool Dronten (voortgezet onderwijs)
In 2025 is de realisatie van de nieuwe Praktijkschool, in combinatie met gemengd wonen, gestart. De verwachting is dat de nieuwe praktijkschool de 2e helft van 2026 wordt opgeleverd en dat de school in januari 2027 in gebruik genomen kan worden.
Nieuwbouw Copernicus Dronten (Voortgezet Onderwijs)
Het Copernicus is toe aan vervangende nieuwbouw. In 2025 is het besluit genomen dat het nieuwe Copernicus gerealiseerd gaat worden bij de spoorzone, naast Het Perron. Hier wordt tevens een nieuwe gym-/sportvoorziening voor het voortgezet onderwijs en de sport in Dronten gerealiseerd.
Nieuwbouw Sporthal ’t Dok, onderwijshuisvesting
Sporthal ’t Dok is toe aan vervangende nieuwbouw. Sporthal ’t Dok wordt gebruikt door scholen voor hun gymonderwijs en door verenigingen om te sporten. In 2025 is het besluit genomen om de nieuwe sporthal ’t Dok te realiseren op het Burgemeester Dekker Sportpark. Hiervoor is voorbereidingskrediet beschikbaar gesteld om, op basis van een programma van eisen, toe te werken naar een definitief ontwerp en kostenraming.
Nieuwbouw KindCentrum Dronten (primair onderwijs)
Basisscholen Aan Boord, De Toekomst, De Schakel, De Aquamarijn en De Driemaster zijn toe aan vervangende nieuwbouw. Deze gebouwen worden, samen met de kinderopvang, ondergebracht in een KindCentrum. In 2025 is het voorbereidingskrediet beschikbaar gesteld om, op basis van een programma van eisen, toe te werken naar een definitief ontwerp en kostenraming.
Scholeneiland Dronten-West (primair onderwijs)
In 2025 zijn een aantal scenario’s uitgewerkt om voor de langere termijn een structurele oplossing voor het huisvestingsvraagstuk (onderwijs en kinderopvang) op het scholeneiland te bieden. In 2026 worden hierover de gesprekken met de schoolbesturen vervolgd, om te komen tot één concreet plan.
Nieuwbouw KindCentrum en gym-/sportvoorziening Swifterbant (primair onderwijs)
Basisscholen De Branding, De Golfslag en de Duykeldam zijn toe aan vervangende nieuwbouw. Deze gebouwen worden, samen met de kinderopvang, ondergebracht in een KindCentrum. In 2025 is als onderdeel van het Sleutelproject Swifterbant het besluit genomen om het KindCentrum en de gym-/sportvoorziening in de sportzone te realiseren.
Accommodatiebeheer
In 2025 zijn de benodigde onderhoudswerkzaamheden, conform het meerjarenonderhoudsprogramma, uitgevoerd. Nadat alle gebouwen, in eigendom van de gemeente, in 2024 van een energielabel zijn voorzien, zijn er verschillende gebouwen verder verduurzaamd.
Wat heeft programma 4 gekost?
Financieel sluit dit programma het jaar 2025 af met een resultaat van: € 159.000.
Dit is het totaalsaldo van baten en lasten voor dit programma ten opzichte van de begroting na wijzigingen (-/- is een nadelig resultaat).
| Lasten en Baten | Realisatie 2024 | Primaire begroting 2025 | Begroting na wijziging 2025 | Realisatie 2025 | Verschil | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Lasten | ||||||
| 4P Opgroeien en opvoeden | -7.197 | -8.261 | -9.571 | -8.336 | 1.235 | |
| Baten | ||||||
| 4P Opgroeien en opvoeden | 2.049 | 1.760 | 2.688 | 2.254 | -434 | |
| Saldo Lasten en Baten programma 4 | -5.148 | -6.501 | -6.883 | -6.082 | 801 | |
| Stortingen | ||||||
| 4Z Niet in pakketjes opgenomen | 654 | 579 | 4.983 | 5.625 | 642 | |
| Onttrekkingen | ||||||
| 4Z Niet in pakketjes opgenomen | 55 | 6 | 5.063 | 5.063 | 0 | |
| Saldo Reserves programma 4 | -599 | -573 | 81 | -561 | -642 | |
| Resultaat programma 4 | -5.747 | -7.073 | -6.802 | -6.643 | 159 | |
Afwijkingen
Terug naar navigatie - Wat heeft programma 4 gekost? - AfwijkingenHierna verklaren we per pakket de afwijkingen tussen begroting na wijziging 2025 en de werkelijkheid 2025. De belangrijkste afwijkingen (lasten en baten) worden toegelicht. We lichten afwijkingen op pakketniveau toe vanaf € 75.000. Bij individuele afwijkingen binnen het pakket hanteren we voor de toelichting als richtlijn een grensbedrag van € 50.000 euro en hoger. Een ‘min’ betekent een financieel nadeel voor de gemeente en een ‘plus’ een financieel voordeel.
| 4P Opgroeien en opvoeden | ||
|---|---|---|
| Toelichting | Lasten | Baten |
| Huisvesting PO: Zie vereniging PC en RK onderwijs. Begroting salarissen en huren op die post, werkelijke lasten op deze post. | ‑364 | |
| Vereniging PC onderwijs: Zie huisvesting PO. Bedragen huur en salarissen zijn daar verwerkt. | 417 | |
| Vereniging RK onderwijs: Zie huisvesting PO. Bedragen huur en salarissen zijn daar verwerkt. | 156 | |
| Praktijkonderwijs: Het bedrag aan subsidie gemengd wonen aan OFW ad € 642.000 wordt overgeheveld naar 2026 ivm vertraging bouw (asbest). De ontvangen subsidie is hierdoor ook lager dan begroot voor het jaar 2025. | 690 | -102 |
| Het perron: De toegerekende rente is aangepast van 3,5% naar 2,5%. | 105 | |
| VVE: Er zijn minder uitgaven dan begroot waardoor de inkomsten vanuit subsidie ook minder zijn. | 397 | ‑396 |
| Lokaal onderwijsbeleid: De salarislasten zijn lager dan begroot doordat niet alle begrote functies zijn ingevuld. | 203 | |
| Leerlingenvervoer: Bijdrage hoger dan begroot (aangepast vervoer) door hogere aantal kinderen. Begroting 2026 is hierop aangepast. | -131 | |
| Leerplichtwet: Meer salarislasten doordat er inhuur is ingezet vanwege vervanging ziekte, wat dubbele kosten met zich meebrengt. | ‑247 | |
| Peuteropvang algemeen: Bij de vaststelling over het jaar 2024 is het vastgestelde subsidiebedrag lager dan als voorschot was verstrekt, waardoor een bedrag van € 82.000 is terugbetaald. | 84 | |
| Overige diverse posten < € 50.000 | ‑75 | 64 |
| Totaal | 1.235 | -434 |